Vandaag vertrokken we van de Galapagos eilanden, we gingen nog even mee naar het landschildpadden breeding centre. Een bijzondere plek waar geprobeerd wordt die schildpadden die met uitsterven bedreigd worden te behouden. Er wordt zoveel mogelijk de leefomstandigheden van betreffende eilanden nagebootst, rotsen, weinig water, weinig voedsel, zodat na een jaar of zes de schildpadden weer in het wild kunnen worden uitgezet. Het hok van lonesome George bekeken, de laatste van zijn soort. Twee jaar geleden op ruim 100 jarige leeftijd overleden. Ze hebben hem nog proberen te kruisen met een soort die genetisch erg op de zijne leek, maar het mocht niet baten. “George was erg verlegen”, zei de gids. “Of homoseksueel” zeiden Roelof en ik gelijktijdig tegen elkaar, maar niet tegen de gids, we hadden het gevoel dat dat heiligschennis zou zijn geweest.
Daarna met het vliegtuig naar Guayaguil, een grote stad, waar twee zaken wel interessant waren, de kathedraal van Guayaguil en het parc des Iguana’s. Laat ons hotel nu tegen de kathedraal gebouwd zijn! Park moest daar vlak bij zijn, wij naar het naast liggende park, geen iguana te zien. “Die krengen verstoppen zich zeker in de boom”, zei nog één van ons voor de grap. Terug naar het hotel om te vragen waar het parc des Iguanas is. “Hiernaast.” -We zagen niets.- “Hebt u wel in de bomen gekeken?” Wij terug naar het park, in de bomen kijken, het stikte ervan. Cool!
Daarna uit eten bij een grillroom, Thijmen had dringend behoefte aan vlees. Terwijl ze bezig waren in de keuken, hoorden we water klateren. Overal lekte het water uit het plafond. Iedereen deed stoïcijns of het erbij hoorde. Terwijl de kok doorging op de kolen die niet nat waren, dweilde een ander de keuken.
Nu liggen we allemaal in bed, morgen de laatste dag.