Hebben andere dokters dat ook? Dat ze met argusogen hun medereizigers beoordelen bij binnenkomst? We liepen langs business-class en zagen een oude dame, 110 jaar oud schatten we in. Lijkbleek met roze rouge. En dikke enkels. Hele, hele, hele dikke enkels. We keken elkaar aan “ik ben fietsenmaker” “ik werk in het onderwijs”.
We gingen zitten op onze sky stoelen. Heerlijk ruim. En je kon bijna liggen. En je kreeg oordoppen en een masker. Echt briljant. Voor het eerst van mijn leven sliep ik in een vloek en een zucht. (In een vliegtuig hè, thuis gaat dat prima.)
Om voor mijn gevoel twee tellen later door Roelof wakker geschud te worden. “Ze hebben een dokter nodig”. Ik dacht nog “ga je gang” maar ja, zo ben ik ook weer niet. Hij klonk echt ongerust. Jonge vrouw jaar of dertig. En out. Nauwelijks pols, lag tussen de banken. Klam. Geen reactie. Ademhaling? Niet zichtbaar. Reanimeren? Eerst maar eens verplaatsen in het gangpad. Zullen we ook wat echte info vergaren? Een stethoscoop uit de speelset van onze jongens en een handbloeddrukmeter. Een HANDbloeddrukmeter! Welke debiel bedenkt dit. Iedere huisarts, ieder ziekenhuis, iedere patiënt heeft een elektronische bloeddrukmeter maar in een vliegtuig gaan we terug in de tijd en doen we het met spul dat in de vijftigerjaren redelijk was. En waar je met al het omgevingslawaai niets aan hebt. Nul komma nul, nada, niente.
Gelukkig heb je al dat soort dingen niet nodig. Rob onze opleider zei het al “de mens is sterk!” Ze kwam zonder onze hulp weer bij. Flauwgevallen? Toch epilepsie? We houden het op het eerste. We mogen door naar Amsterdam.
Pfffff klaarwakker!