Bij het binnenhalen van de schoenen, haalde ik ook een kleine gast binnen. Wij zijn niet gewend aan schoenen uitschudden. Mmmm wat doe je hiermee; kopje erover, karton eronder en naar buiten, zodat hij weer verder kon leven.

Het was een lange rit vandaag. Eerst een paar uur naar de Wadi bin Hammad. Het is bizar je rijdt door een dorre droge woestijn en opeens is er een opening met water en is het groen. Het is een warme stroom, helaas daardoor veel algen op de stenen.

Ik had weer mijn superhandige broekrokje mee maar dacht in de auto netjes erbij te zitten in een lange omslagrok. En toen kwamen we aan en was onze gids een Jordaanse baas van onze leeftijd en zag ik mezelf niet zo snel omkleden. Dus ik dacht “ach enkeldiep water dat moet kunnen. Sneakers aan voor meer grip. Nou deze sneakers niet. Volgens mij lag ik na 10 stappen al op mijn gat. Waarna ik een natte zijden enkellange rok aanhad. Nou denk je “zijde, dat droogt snel, niet zeuren van Lingen” dat doet het ook als ik het die kans zou hebben gegeven. Maar die steentjes waren echt spekglad. Ik deed het ook niet handig stapte op de grote en die zijn gladder. Ik viel zo vaak dat de gids me een hand gaf. Wat dan wel weer schattig was. En aan het eind van de wandeling vroeg hij bezorgd of ik wel droge kleren had. Heb ik, komt goed, trouwens mijn rok was droog toen we bij de auto waren. Zijde droogt snel. (Rok van Nienke, ooit uit Israël, gemaakt van oude saries. Twee lagen; zit altijd keurig en is heel koel, neemt geen ruimte in en kreukt niet. Ik leen hem voor warme vakanties, hoop wel dat ik hem heel heb gehouden. Mijn lijf voelt beurs.)



Het was anders mooi dan gisteren maar echt indrukwekkend. Op verschillende plekken kwam ook koud water uit de rotsen. Thijmen nam een koudedouche, gelukkig deed hij ook iets doms, oortjes in zijn zak, en dat gaf weer wat evenwicht.

We hadden een woordenwisseling met de chauffeur. Ik vind het niet erg om toeristenprijzen te betalen maar hij verdubbelt zelfs die prijzen en daar pas ik voor. Ik heb hem onnoemelijk gekrenkt ben ik bang. Ging wel gelijk een deel van de prijs af, maar dat was niet eens mijn doel. Het is gewoon oneerlijk, hij verdient echt genoeg. Dan geef ik het liever aan de kok in het hotel, die krijgen nooit een fooi. Wat hebben wij al die jaren geboft met de mensen die ons rondreden. Die enthousiast hun liefde voor hun land met ons deelden. Die gids vanmiddag die dan bezorgd vraagt of ik wel droge kleren heb. Zo aardig.
Daarna weer een stuk rijden en naar een kasteel. Een oude baas wandelt opeens met ons mee en gaat uitleg geven. Daar wordt een kasteel echt interessanter van. En hij was ook leuk om naar te kijken. Roelof en Thijmen moesten bijna gebogen door de deuren.


Weer in de auto. Op een gegeven moment ben ik het zo zat. Ik kijk op Google maps en zie nog 2 uur en 54 min. Boy oh boy schiet ik in de stress. Thijmen kijkt me meewarig aan en zegt “met de auto gaat het sneller”. Stond google maps op wandelen….

En nu zijn we in Dana guesthouse. Wat een plek!!! Aardige mensen, het is een piepklein dorpje, we dronken wat bij het plaatselijke winkeltje, 4 planken en een koelkast, en praatten met de shopbediende. En we zien een herder die al zwaaiend roept “welcome in Jordan” als ik vraag om een foto zegt hij “I’ll give you my best smile”


In het dorpje lag een dood paard. Bizar beeld. Moest met auto’s weggesleept worden. Sneu voor de eigenaar. (Ik had de foto al gemaakt voor ik bedacht dat het beest dood was)

En nu zitten we op het terras uit te kijken over het reservaat. Adembenemend mooi.

Voor iemand die nooit zonsondergangen fotografeert gebeuren er in Jordanië rare dingen.