Gisteren niet goed opgelet bij de wandeling, ik maak wat omwegen, maar zit uiteindelijk op de goede weg. Een medecursiste komt me halverwege achterop, en geeft me een lift, gezellig begin zo.
We werken onze stukken af. Ze zijn mooi geworden. Nu nog hopen dat ze niet breken. En ik moet bedenken hoe ik zijn techniek gebruik. wat zwart en wat gekleurd.
Dennis vertelt hoe gladder hoe beter. Ik bedenk dat Marjanne zei dat je het dicht kon polijsten, maar ik weet niet meer precies van de hoed en de rand. Ik ga fanatiek aan het werk. Vervolgens zegt Denis “op leerharde klei, als het droog is wrijf je het dicht”. Tja ik kijk naar mijn glanzende bone harde potje. Been there, done it, I’ll send you the picture. Ik kijk wel wat het wordt.

Gisteren vroeg ik mede cursisten of zij ooit met een steen of een lampje hadden gepolijst. Vandaag bracht er een een steen voor me mee en een een lampje.
Het is een leuke groep. Alleen beweegt mijn buurvrouw continue de tafel en maakt geluid. Ik denk dat ik niet naast haar zou moeten zitten. Ik raak wat overprikkeld. Dus ik ga buiten polijsten.

Tussen de middag weer een lichte lunch. Amai als dit licht is. Pasta met saus en tiramisu toe. Bij het eten hebben ze een prachtige waterkan. Gemaakt door Francois Gallisaires ook bekend onder de naam Paco. Ik zal het morgen fotograferen. Ingenieuze kan.
We willen ons werk droog hebben en drogen het in de zon. Dan moet je wel vaak draaien om het niet te laten breken.
En dan zegt Denis dat ik een houder moet maken voor mijn uilen zodat ze stabiel in de oven kunnen liggen. Maar het moet zo zijn dat het dragende punt daar zit waar ik het zwart wil hebben. Duidelijk dat hij ingenieur is. Ik moet een poging of 5 doen voor hij zijn fiat geeft.