Ik ben vandaag verhuisd. Vanochtend het laatste ontbijtje bij Sofia. Ik vind haar aardig. Had graag deze week gewoon bij haar gezeten. Comfortabel, rustig, gezellig.
Maar ik kan niet blijven, er komt vandaag een grote groep. Gisteren kwam het “opperhoofd” van die groep al. Een stilte retraite. Johan de partner van Sofia is er ook. Ik kijk verbaasd rond. Hoe kunnen twee mannen de sfeer zo veranderen? Man, man, man. Stilte retraite: nee een ik-wil-alleen-mezelf-horen-praten retraite.

Verbazing hoort wel een beetje bij vandaag, maar daarover later meer. Ik heb mijn stukken af, doe er twee met terra sigilliata. En heb dan nog 3 om andere dingen te proberen. Ziet er mooi uit. Ben benieuwd wat het uiteindelijk wordt.
Ik merk dat mijn leefstijl anders is dan hier les gegeven wordt. We moeten dingen doen en daarvoor wil ik weten wat ik morgen moet doen. Misschien ben ik toch meer een denker dan een doener. Ik zou graag meer uitleg krijgen voor ik aan de slag ga. Gelukkig is morgen uitleg en proefjes dag. Ik verheug me er op.

Kijk deze kan. Dat is toch prachtig. Het waterschenkmechaniek is briljant, je drukt links iets omlaag, waardoor het rechter deel iets omhoog komt om te schenken, maar het deksel valt er niet uit.

Ik heb vandaag wel een relaxte dag. Ben niet van plan om als een malle nog dingen te maken. Het moet nog drogen en om 16 uur de oven in voor de eerste stook. Om mij heen doen mensen dat anders. Met verbazing kijk ik hoe mensen tien niet affe dingen maken terwijl je er 8 max mocht. En hoe dingen kapot gaan omdat ze te hard drukken omdat het te snel moet of omdat ze het niet met de voor Raku noodzakelijke stappen opbouwen. Met dank aan wederom Marjanne die me daar toch echt in getraind heeft. Ook in de edele kunst van het herstel van ongelukjes trouwens. Mijn overbuurvrouw flanst iets in elkaar, breekt de top er even later af. Ik denk haar te helpen en geef aanwijzingen: krassen, kleislib erop, stevig aandrukken, coil erom, afwerken. Ze doet het nauwelijks. Ik hoor haar later zeggen dat het er weer afgebroken is. Tja…

Een medecursist breekt een half rondje uit de rand van haar kom. Ik flap eruit “ken je niet iemand met een hamster? Dit is een briljant hamsterhuis”. Ik meen het echt. Ze kijkt me aan of ik gek ben, maar moet heel hard lachen. We kunnen daarna goed door één deur.

Het is trouwens doodvermoeiend steeds Vlaams te horen. Er zijn duidelijk verschillende accenten en het is hard werken om alles te verstaan. En Denis spreekt veritaliaanst Engels. Wel mooi hoe hij ook steeds met zijn handen praat.

We hebben geweldig weer. Heerlijk. We krijgen buiten les.

En nu worden al onze spullen gebakken en besluit ik dat, na 2 dagen 2x warm, ik nu wel met een broodje af kan.

We krijgen net een berichtje dat de tweede oven aan gaat.
